
Elleboogdysplasie is een pijnlijke erfelijke aandoening die veel voorkomt onder grote hondenrassen, zoals de mastiff. Wereldwijd geldt het advies om alleen te fokken met honden zonder elleboogdysplasie. Maar van de organisatie die in Nederland stambomen afgeeft, de Raad van Beheer, mag je best fokken met mastiffs die elleboogdysplasie hebben. Van alle mastiffs die de afgelopen 14 jaar in Nederland zijn geboren, komt zeker de helft van ouders met elleboogdysplasie!
Regels zonder controle
De Raad van Beheer claimt dat er regels zijn voor het fokken van gezonde stamboomhonden. Maar in de praktijk controleert de organisatie niet of fokkers zich daar ook aan houden. En dus wordt er volop gefokt met honden die lijden aan erfelijke ziektes. En krijgen die pups gewoon een stamboom.
Foute beoordelingen misleiden fokkers
Een goede fokker laat ouderdieren testen op elleboogdysplasie. De Raad van Beheer beoordeelt de röntgenfoto’s tegen betaling van zo’n 100 euro per hond. Ruim 10 jaar lang zijn er flinke fouten gemaakt bij die beoordelingen: honden met een ernstige afwijking aan de ellebogen kregen een veel te milde score. Dat gaf fokkers het idee dat een hond geschikt was voor de fok, terwijl het dier in werkelijkheid leed aan de zwaarste vorm van elleboogdysplasie.
In 2021 bevestigt de Raad van Beheer deze fout in een mail aan de fokkers. Maar de uitslagen in de database worden niet gecorrigeerd, ook niet op de certificaten. Daardoor wordt er al jaren gefokt met stamboomhonden die lijden aan elleboogdysplasie. Inmiddels heeft een kwart van de pups ouders met ED graad 3, de zwaarste vorm van elleboogdysplasie.
Fokbeleid: fok maar door, ook met zieke honden
De Raad van Beheer is de overkoepelende organisatie voor rashondenfokkers in Nederland. Het doel van de organisatie is het bevorderen van de gezondheid en het welzijn van rashonden en hondenpopulaties. Je zou denken dat zo’n organisatie haar fouten corrigeert, zeker gezien de afschuwelijke gevolgen voor honden, hun baasjes en de populatie. Maar helaas! In het fokbeleid schrijft de Raad met betrekking tot elleboogdysplasie: “Het is wenselijk om alleen met ED-vrije honden te fokken, omdat dan de kans op ED bij de nakomelingen het kleinst is. Zijn er binnen een ras maar weinig honden beschikbaar om mee te fokken, dan is dat helaas niet altijd mogelijk. Dat geldt ook voor rassen waarin ED vaak voorkomt.”
Oftewel: als het ras al verziekt is, mag je ermee doorgaan.
Fokker stapt naar het tuchtcollege
Een fokker van mastiffs probeert dit al jaren te veranderen. Onlangs bracht zij een andere fokker van mastiffs voor het tuchtcollege van de Raad van Beheer. Maar het tuchtcollege oordeelt: je mag gewoon fokken met mastiffs die lijden aan een ernstige vorm van elleboogdysplasie (ED graad 2), omdat de populatie mastiffs te klein is. Voor de mastiff ziet het er niet best uit in Nederland; de inteelt is al hoog en als we meer honden uitsluiten van de fok dan wordt dit nog erger.
Het fokken met zieke honden is in strijd met de wet, de fokker is inmiddels in hoger beroep gegaan tegen de uitspraak bij het Beroepscollege van de Raad van Beheer.
Wil je meer weten? Bekijk de aflevering van Zembla ‘Einde van de rashond: 15 jaar later’.